Bij erwtenplanten is paars (A) dominant over wit (a). Een plant met genotype AA wordt gekruist met een plant met genotype Aa. Wat is de kans P dat een nakomeling paarse bloemen heeft?
Werkblad Genetica met antwoorden
Twee Bb-ouders worden gekruist. B geeft lange planten en is dominant over b, dat korte planten geeft. Klik op het vakje van het Punnettschema voor een nakomeling met korte planten.
- 1B × b
- 2B × B
- 3b × b
- 4b × B
Lang (A) is dominant over kort (a), en ronde zaden (B) over gerimpelde (b). De genen liggen op verschillende chromosomen. Wat is bij de kruising AaBb × Aabb de kans P dat een nakomeling lang, gerimpelde zaden is?
Lang (A) is dominant over kort (a), en ronde zaden (B) over gerimpelde (b). De genen liggen op verschillende chromosomen. Wat is bij de kruising AaBb × Aabb de kans P dat een nakomeling kort, gerimpelde zaden is?
Een recessieve aandoening treft 9% van een populatie in Hardy-Weinberg-evenwicht. Welk deel f van de populatie is drager (heterozygoot)?
In een populatie van 5000 in Hardy-Weinberg-evenwicht hebben 16% een recessieve eigenschap. Hoeveel individuen N zijn naar verwachting homozygoot dominant?
Antwoordenblad
- 1. P = 1
- 2. b × b
- 3. P = 0,375
- 4. P = 0,125
- 5. f = 0,42
- 6. N = 1800
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.