Werkblad Magnetische velden & inductie met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Magnetische velden & inductie: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
I = 1,5 AR = 6 cmB = ?N = 20

Een platte cirkelvormige spoel met 20 windingen en straal 6 cm voert een stroom van 1,5 A. Bepaal de magnetische fluxdichtheid B in het midden.

N = 20I = 1,5 AR = 6 cmμ₀ = 4π × 10⁻⁷ T·m/A
B = µT
2.Makkelijk
I = 1,5 AR = 8 cmB = ?N = 100

Een platte cirkelvormige spoel met 100 windingen en straal 8 cm voert een stroom van 1,5 A. Bepaal de magnetische fluxdichtheid B in het midden.

N = 100I = 1,5 AR = 8 cmμ₀ = 4π × 10⁻⁷ T·m/A
B = mT
3.Gemiddeld
nBA = 80 cm², N = 10B: 0,05 → 0,35 T

Een spoel met 10 windingen, oppervlakte 80 cm² en weerstand 8 Ω vormt een gesloten stroomkring. Een homogeen veld loodrecht op de spoel neemt in 100 ms gelijkmatig toe van 0,05 T tot 0,35 T. Bepaal de gemiddelde geïnduceerde stroom I.

N = 10A = 80 cm²B: 0,05 T → 0,35 TΔt = 100 msR = 8 Ω
I = mA
4.Gemiddeld
R = 5 Ωv = 8 m/sL = 20 cmB = 0,1 T

Een metalen staaf van 20 cm lang schuift met 8 m/s langs twee rails in een homogeen veld van 0,1 T het papier in. De rails zijn verbonden door een weerstand van 5 Ω; de staaf en rails hebben verwaarloosbare weerstand. Bepaal de stroom I.

B = 0,1 TL = 20 cmv = 8 m/sR = 5 Ω
I = mA
5.Moeilijk
Bn = 300 rpm12 cm × 10 cmN = 250B = 0,1 T

Een spoel met 250 windingen, 12 cm × 10 cm, draait met 300 rpm in een homogeen veld van 0,1 T om een as loodrecht op het veld. Bepaal de piek-EMK E0.

N = 250A = 12 cm × 10 cmB = 0,1 Tn = 300 rpm
E0 = V
6.Moeilijk
V = 2000 VB = 0,5 Tr = ?

Een deuteron begint in rust, wordt versneld over een potentiaalverschil van 2000 V en komt dan loodrecht een homogeen magnetisch veld van 0,5 T binnen. Bepaal de straal r van zijn baan in het veld.

m = 3,344 × 10⁻²⁷ kg|q| = 1,602 × 10⁻¹⁹ CV = 2000 VB = 0,5 T
r = cm

Antwoordenblad

  1. 1. B = 314,2 µT
  2. 2. B = 1,178 mT
  3. 3. I = 30 mA
  4. 4. I = 32 mA
  5. 5. E0 = 9,425 V
  6. 6. r = 1,828 cm

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.