Gebruik de maasmethode om de stroom IR3 door R3 in de richting van de pijl te vinden.
Werkblad Maasmethode met antwoorden
1.Makkelijk
V1 = 20 VR1 = 6 ΩR2 = 10 ΩR3 = 2 ΩR4 = 12 Ω
IR3 = A
2.Makkelijk
Gebruik de maasmethode om de maasstroom I2 (met de klok mee) te vinden.
V1 = 18 VR1 = 10 ΩR2 = 5 ΩR3 = 8 ΩR4 = 5 Ω
I2 = A
3.Gemiddeld
Gebruik de maasmethode om de maasstroom I1 (met de klok mee) te vinden.
V1 = 15 VV2 = 18 VR1 = 5 ΩR2 = 12 ΩR3 = 6 Ω
I1 = A
4.Gemiddeld
Gebruik de maasmethode om de stroom IR1 door R1 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 6 VV2 = 12 VR1 = 20 ΩR2 = 8 ΩR3 = 4 Ω
IR1 = A
5.Moeilijk
Gebruik de maasmethode om de spanning VR5 over R5 met de aangegeven polariteit te vinden.
V1 = 5 VV2 = 10 VR1 = 10 ΩR2 = 20 ΩR3 = 15 ΩR4 = 3 ΩR5 = 8 Ω
VR5 = V
6.Moeilijk
Gebruik de maasmethode om de spanning VR1 over R1 met de aangegeven polariteit te vinden.
V1 = 30 VV2 = 6 VR1 = 10 ΩR2 = 3 ΩR3 = 2 ΩR4 = 25 ΩR5 = 30 Ω
VR1 = V
Antwoordenblad
- 1. IR3 = 2,34 A
- 2. I2 = 0,5538 A
- 3. I1 = 1 A
- 4. IR1 = 0,08824 A
- 5. VR5 = 3,038 V
- 6. VR1 = 17,96 V
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.