Gebruik de maasmethode om de maasstroom I2 (met de klok mee) te vinden.
Werkblad Maasmethode met antwoorden
1.Makkelijk
V1 = 18 VR1 = 5 ΩR2 = 8 ΩR3 = 8 ΩR4 = 5 Ω
I2 = A
2.Makkelijk
Gebruik de maasmethode om de maasstroom I1 (met de klok mee) te vinden.
V1 = 15 VR1 = 10 ΩR2 = 5 ΩR3 = 5 ΩR4 = 12 Ω
I1 = A
3.Gemiddeld
Gebruik de maasmethode om de stroom IR1 door R1 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 24 VV2 = 30 VR1 = 3 ΩR2 = 12 ΩR3 = 4 Ω
IR1 = A
4.Gemiddeld
Gebruik de maasmethode om de spanning VR1 over R1 met de aangegeven polariteit te vinden.
V1 = 30 VV2 = 6 VR1 = 20 ΩR2 = 10 ΩR3 = 10 Ω
VR1 = V
5.Moeilijk
Gebruik de maasmethode om de spanning VR3 over R3 met de aangegeven polariteit te vinden.
V1 = 9 VV2 = 5 VR1 = 4 ΩR2 = 10 ΩR3 = 2 ΩR4 = 15 ΩR5 = 6 Ω
VR3 = V
6.Moeilijk
Gebruik de maasmethode om de stroom IR2 door R2 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 36 VV2 = 30 VR1 = 10 ΩR2 = 10 ΩR3 = 5 ΩR4 = 30 ΩR5 = 20 Ω
IR2 = A
Antwoordenblad
- 1. I2 = 0,689 A
- 2. I1 = 1,082 A
- 3. IR1 = 2,75 A
- 4. VR1 = 21,6 V
- 5. VR3 = −0,9066 V
- 6. IR2 = 0,1395 A
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.