Een auto van 600 kg die met 12 m/s rijdt, botst op een stilstaande auto van 1700 kg. De auto's haken in elkaar. Bereken hun gemeenschappelijke snelheid v′ direct na de botsing (positief in de richting van de eerste auto).
Werkblad Impuls en botsingen met antwoorden
Een auto van 500 kg die met 25 m/s rijdt, botst op een stilstaande auto van 900 kg. De auto's haken in elkaar. Bereken hun gemeenschappelijke snelheid v′ direct na de botsing (positief in de richting van de eerste auto).
Een karretje van 1 kg dat met 10 m/s rijdt, botst volkomen elastisch en frontaal op een stilstaand karretje van 5 kg op een wrijvingsloze baan. Bereken de snelheid v′2 van het tweede karretje na de botsing.
Een karretje van 3 kg dat met 2 m/s rijdt, botst volkomen elastisch en frontaal op een stilstaand karretje van 5 kg op een wrijvingsloze baan. Bereken de snelheid v′1 van het eerste karretje na de botsing (positief in de oorspronkelijke richting).
Een bal van 0,35 kg raakt een muur met 9 m/s en kaatst recht terug met 7 m/s. Het contact duurt 40 ms. Bereken de gemiddelde kracht Favg van de muur op de bal.
Een bal van 0,4 kg raakt een muur met 17 m/s en kaatst recht terug met 15 m/s. Het contact duurt 20 ms. Bereken de gemiddelde kracht Favg van de muur op de bal.
Antwoordenblad
- 1. v′ = 3,13 m/s
- 2. v′ = 8,929 m/s
- 3. v′2 = 3,333 m/s
- 4. v′1 = −0,5 m/s
- 5. Favg = 140 N
- 6. Favg = 640 N
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.