Een krat van 38 kg wordt met een horizontale kracht van 130 N over een vloer geduwd. De kinetische wrijvingscoëfficiënt is 0,25. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de versnelling a van de krat.
Werkblad Wetten van Newton met antwoorden
Twee blokken van 7 kg en 6 kg staan naast elkaar op een wrijvingsloze vloer. Een horizontale kracht van 65 N duwt op het blok van 7 kg, dat het andere blok voortduwt. Vind de versnelling a van de blokken.
Een doos glijdt met een beginsnelheid van 2 m/s over een horizontale vloer en komt na 0,51 m tot stilstand. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de kinetische wrijvingscoëfficiënt μ.
Massa’s van 5,5 kg en 3,5 kg hangen aan weerszijden van een lichte, wrijvingsloze katrol, verbonden door een licht touw. Het systeem wordt vanuit rust losgelaten. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de spankracht T in het touw.
Een blok van 3,5 kg op een horizontale tafel is via een licht touw over een wrijvingsloze katrol verbonden met een hangende massa van 5 kg. De kinetische wrijvingscoëfficiënt tussen blok en tafel is 0,3. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de versnelling a van het systeem.
Een blok van 1 kg op een helling onder 40° is via een licht touw over een wrijvingsloze katrol boven aan de helling verbonden met een hangende massa van 5 kg. De hangende massa beweegt omlaag. De kinetische wrijvingscoëfficiënt tussen blok en helling is 0,15. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de spankracht T in het touw.
Antwoordenblad
- 1. a = 0,9686 m/s²
- 2. a = 5 m/s²
- 3. μ = 0,3998
- 4. T = 41,97 N
- 5. a = 4,559 m/s²
- 6. T = 14,37 N
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.