Gebruik de knooppuntmethode om de stroom IR2 door R2 in de richting van de pijl te vinden.
Werkblad Knooppuntmethode met antwoorden
1.Makkelijk
V1 = 15 VIs = 1 AR1 = 2 ΩR2 = 3 Ω
IR2 = A
2.Makkelijk
Gebruik de knooppuntmethode om de knooppuntspanning VA (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.
V1 = 15 VV2 = 18 VR1 = 2 ΩR2 = 10 ΩR3 = 2 Ω
VA = V
3.Gemiddeld
Gebruik de knooppuntmethode om de stroom IR1 door R1 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 15 VIs = 1 AR1 = 20 ΩR2 = 5 ΩR3 = 6 ΩR4 = 10 Ω
IR1 = A
4.Gemiddeld
De spanningsbron Vₛ tussen A en B heeft haar +-klem bij B, dus ze legt VB − VA = Vₛ vast. Gebruik de knooppuntmethode met een superknooppunt om de knooppuntspanning VA (gemeten ten opzichte van massa) te vinden.
Is = 5 AVs = 4 VR1 = 10 ΩR2 = 8 Ω
VA = V
5.Moeilijk
Gebruik de knooppuntmethode om de stroom IR4 door R4 in de richting van de pijl te vinden.
V1 = 9 VIs = 2,5 AV2 = 24 VR1 = 4 ΩR2 = 25 ΩR3 = 25 ΩR4 = 5 ΩR5 = 8 Ω
IR4 = A
6.Moeilijk
De stroombron wordt bijgesteld tot de knooppuntspanning in A gelijk is aan VA = 12,5 V. Gebruik de knooppuntmethode om de bronstroom Is te vinden (richting zoals getekend).
V1 = 9 VR1 = 5 ΩR2 = 4 ΩR3 = 25 ΩR4 = 15 ΩVA = 12,5 V
Is = A
Antwoordenblad
- 1. IR2 = 3,4 A
- 2. VA = 8,455 V
- 3. IR1 = 0,53 A
- 4. VA = 20 V
- 5. IR4 = −0,5947 A
- 6. Is = 11,03 A
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.