Een machine bespaart naar verwachting €25 000, €25 000, €8 000, €25 000 aan het eind van jaar 1 tot en met 4, waarna ze niets meer waard is. Het vereiste rendement is 12 %. Hoeveel mag het bedrijf vandaag maximaal voor de machine betalen? Bereken PV.
Werkblad NCW & IRR met antwoorden
Een project kost vandaag €100 000 en levert aan het eind van jaar 1 tot en met 4 €39 000, €36 000, €29 500, €35 000 op. Neem aan dat de kasstromen gelijkmatig over elk jaar binnenkomen. Bereken de terugverdientijd PB in jaren.
Een investering van €60 000 levert aan het eind van jaar 1 tot en met 3 deze kasstromen op: €12 000, €29 000, €17 000. De vermogenskosten zijn 6 %. Bereken de netto contante waarde NPV.
Een investering van €60 000 levert aan het eind van jaar 1 tot en met 3 deze kasstromen op: €26 000, €29 000, €21 000. De vermogenskosten zijn 9 %. Bereken de netto contante waarde NPV.
Een investering van €10 000 levert 9 jaar lang aan het eind van elk jaar €1 500 op. Bereken de interne rentabiliteit IRR in procenten.
Een project kost vandaag €50 000. De kasstroom is €6 500 aan het eind van jaar 1 en groeit met 4 % per jaar tot de laatste kasstroom aan het eind van jaar 8. De vermogenskosten zijn 12 %. Bereken de netto contante waarde NPV.
Antwoordenblad
- 1. PV = 63833 €
- 2. PB = 2,847 jaar
- 3. NPV = −8596 €
- 4. NPV = 4478 €
- 5. IRR = 6,463 %
- 6. NPV = −13660 €
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.