Een inverterende versterker met een ideale opamp moet een spanningsversterking van −8 hebben. De ingangsweerstand is R1 = 10 kΩ. Vind de terugkoppelweerstand Rf.
Werkblad Opampschakelingen met antwoorden
1.Makkelijk
Av = −8R1 = 10 kΩ
Rf = kΩ
2.Makkelijk
De schakeling is een inverterende versterker. De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V; de uitgang verzadigt bij ±13 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
Vin = 0,6 VR1 = 1 kΩRf = 47 kΩVsat = ±13 V
Vout = V
3.Gemiddeld
De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
Vin = −1,2 VR1 = 1 kΩRf = 1 kΩ
Vout = V
4.Gemiddeld
Kies de terugkoppelweerstand Rf die deze niet-inverterende versterker een spanningsversterking van 4 geeft.
R1 = 10 kΩAv = 4
Rf = kΩ
5.Moeilijk
De sommeerversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
V1 = 0,7 VV2 = −1,1 VR1 = 47 kΩR2 = 4,7 kΩRf = 22 kΩ
Vout = V
6.Moeilijk
De sommeerversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V. Vind de stroom If door de terugkoppelweerstand, in de richting van de uitgang.
V1 = 0,3 VV2 = −1,3 VR1 = 1 kΩR2 = 2 kΩRf = 1 kΩ
If = mA
Antwoordenblad
- 1. Rf = 80 kΩ
- 2. Vout = −13 V
- 3. Vout = −2,4 V
- 4. Rf = 30 kΩ
- 5. Vout = 4,821 V
- 6. If = −0,35 mA
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.