De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
Werkblad Opampschakelingen met antwoorden
1.Makkelijk
Vin = 0,4 VR1 = 47 kΩRf = 100 kΩ
Vout = V
2.Makkelijk
Een inverterende versterker met een ideale opamp moet een spanningsversterking van −2,5 hebben. De terugkoppelweerstand is Rf = 100 kΩ. Vind de ingangsweerstand R1.
Av = −2,5Rf = 100 kΩ
R1 = kΩ
3.Gemiddeld
Kies de terugkoppelweerstand Rf die deze niet-inverterende versterker een spanningsversterking van 11 geeft.
R1 = 10 kΩAv = 11
Rf = kΩ
4.Gemiddeld
De verschilversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V, met R3 = R1 en R4 = R2. Vind de uitgangsspanning Vout.
V1 = −0,1 VV2 = 1,2 VR1 = R3 = 10 kΩR2 = R4 = 22 kΩ
Vout = V
5.Moeilijk
De sommeerversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
V1 = 1,3 VV2 = 1,2 VR1 = 22 kΩR2 = 10 kΩRf = 2 kΩ
Vout = V
6.Moeilijk
De sommeerversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V. Vind de stroom If door de terugkoppelweerstand, in de richting van de uitgang.
V1 = −1,6 VV2 = 1,2 VR1 = 47 kΩR2 = 10 kΩRf = 100 kΩ
If = mA
Antwoordenblad
- 1. Vout = −0,8511 V
- 2. R1 = 40 kΩ
- 3. Rf = 100 kΩ
- 4. Vout = 2,86 V
- 5. Vout = −0,3582 V
- 6. If = 0,08596 mA
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.