Een sensor gedraagt zich als een bron van 4 V met een inwendige weerstand Rs = 10 kΩ. Hij voedt een belasting RL = 4,7 kΩ via een ideale spanningsvolger (buffer met versterking 1). Vind de belastingsstroom IL die de uitgang van de opamp levert.
Werkblad Opampschakelingen met antwoorden
Een sensor gedraagt zich als een bron van 5 V met een inwendige weerstand Rs = 2,2 kΩ. Hij voedt een belasting RL = 1 kΩ via een ideale spanningsvolger (buffer met versterking 1). Vind ter vergelijking de belastingsspanning VL als de belasting zonder buffer direct op de sensor zou zijn aangesloten.
De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V; de uitgang verzadigt bij ±14 V. De niet-inverterende versterker wordt gestuurd met een sinusvormig signaal. Vind de grootste ingangsamplitude Vin,max (topwaarde) waarbij de uitgang niet wordt afgekapt.
De integrator gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V; de uitgang verzadigt bij ±12 V. De condensator is ongeladen als op t = 0 een constante ingang Vin = −0,3 V wordt aangelegd. Vind de uitgangsspanning Vout op t = 0,5 ms.
Twee ideale opamptrappen staan in cascade: een inverterende versterker (R1, Rf1) gevolgd door een niet-inverterende versterker (R2 naar massa, Rf2 in de terugkoppeling). Beide worden gevoed met ±15 V. De ingang is Vin = 0,25 V. Vind de uitgangsspanning Vout.
Antwoordenblad
- 1. IL = 0,8511 mA
- 2. VL = 1,563 V
- 3. Vout = 1,279 V
- 4. Vin,max = 4,179 V
- 5. Vout = 1,5 V
- 6. Vout = −0,3032 V
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.