Werkblad Opampschakelingen met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Opampschakelingen: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
−+Vout​Rf​ = 100 kΩVin​ = 1,1 VR1​ = 10 kΩ

De opamp is ideaal en wordt gevoed met ±15 V. Vind de uitgangsspanning Vout.

Vin = 1,1 VR1 = 10 kΩRf = 100 kΩ
Vout = V
2.Makkelijk
−+Vout​8 VRs​ = 4,7 kΩRL​10 kΩIL​

Een sensor gedraagt zich als een bron van 8 V met een inwendige weerstand Rs = 4,7 kΩ. Hij voedt een belasting RL = 10 kΩ via een ideale spanningsvolger (buffer met versterking 1). Vind de belastingsstroom IL die de uitgang van de opamp levert.

Vs = 8 VRs = 4,7 kΩRL = 10 kΩ
IL = mA
3.Gemiddeld
−+Vout​Rf​ = ?R1​ = 100 kΩVin​

Kies de terugkoppelweerstand Rf die deze niet-inverterende versterker een spanningsversterking van 51 geeft.

R1 = 100 kΩAv = 51
Rf = kΩ
4.Gemiddeld
−+Vout​R2​ = 100 kΩV1​ = 0,7 VR1​ = 10 kΩV2​ = 1,5 VR3​ = 10 kΩR4​ = 100 kΩ

De verschilversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V, met R3 = R1 en R4 = R2. Vind de spanning V− op de inverterende ingang.

V1 = 0,7 VV2 = 1,5 VR1 = R3 = 10 kΩR2 = R4 = 100 kΩ
V− = V
5.Moeilijk
−+Vout​Rf​ = 4,7 kΩV1​ = 0,2 VR1​ = 100 kΩV2​ = 1,1 VR2​ = 2 kΩIf​

De sommeerversterker gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V. Vind de stroom If door de terugkoppelweerstand, in de richting van de uitgang.

V1 = 0,2 VV2 = 1,1 VR1 = 100 kΩR2 = 2 kΩRf = 4,7 kΩ
If = mA
6.Moeilijk
−+Vout​C = 0,1 µFVin​ = 0,5 VR = 4,7 kΩ

De integrator gebruikt een ideale opamp met een voeding van ±15 V; de uitgang verzadigt bij ±14 V. De condensator is ongeladen als op t = 0 een constante ingang Vin = 0,5 V wordt aangelegd. Hoe lang na t = 0 bereikt de uitgang de verzadiging? Vind t.

Vin = 0,5 VR = 4,7 kΩC = 0,1 µFVsat = ±14 V
t = ms

Antwoordenblad

  1. 1. Vout = −11 V
  2. 2. IL = 0,8 mA
  3. 3. Rf = 5000 kΩ
  4. 4. V− = 1,364 V
  5. 5. If = 0,552 mA
  6. 6. t = 13,16 ms

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.