Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). De manometer van een zuurstofcilinder van maat H geeft 1450 psi aan. De cilinderfactor is 3,14 L/psi. Hoeveel liter V kan worden gebruikt voordat de veilige restdruk van 200 psi is bereikt?
Werkblad Zuurstoftherapie en respiratoire berekeningen met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt zuurstof via een neusbril met 6 L/min. Schat met FiO₂ ≈ 21% + 4% per L/min de ingeademde zuurstof FiO₂ in procenten.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een beademde patiënt die aan de andere Berlijnse criteria voor ARDS voldoet, heeft PaO₂ 127 mmHg (16,9 kPa) bij 50% zuurstof met een PEEP van 10 cmH₂O. Bereken de P/F-ratio en klik op de ernst van de ARDS.
- 1boven 300: geen ARDS-graad
- 2licht
- 3matig
- 4ernstig
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt heeft Hb 142 g/L, SaO₂ 96% en PaO₂ 79 mmHg (10,5 kPa). Bepaal het arteriële zuurstofgehalte CaO₂ = 1,34 × Hb (g/dL) × SaO₂ + 0,003 × PaO₂ (mmHg) in mL O₂/dL.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een beademde vrouw is 182 cm lang en weegt 94 kg. De longbeschermende beademing is ingesteld op 6 mL per kg voorspeld lichaamsgewicht. Bepaal met PBW = 45,5 + 0,91 × (height cm − 152,4) kg het teugvolume VT op de dichtstbijzijnde mL.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt heeft Hb 118 g/L, SaO₂ 97%, PaO₂ 95 mmHg (12,7 kPa) en een hartminuutvolume van 6,4 L/min. Bepaal met CaO₂ = 1,34 × Hb (g/dL) × SaO₂ + 0,003 × PaO₂ (mmHg) het zuurstofaanbod DO₂ = CaO₂ × CO × 10 in mL/min.
Antwoordenblad
- 1. V = 3925 L
- 2. FiO₂ = 45 %
- 3. licht
- 4. CaO₂ = 18,5 mL/dL
- 5. VT = 435 mL
- 6. DO₂ = 999,8 mL/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.