Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 10 kg krijgt amoxicillin 45 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 12 uur. De orale suspensie bevat 400 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 9 kg krijgt azithromycin 10 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 24 uur. De orale suspensie bevat 200 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 50 eenheden kortwerkende insuline in 100 mL. Het voorschrift is 2 eenheden/h. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus van 100 eenheden kortwerkende insuline in 50 mL loopt met 6 mL/h. Hoeveel eenheden per uur D krijgt de patiënt?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 400 mg in 250 mL. Het voorschrift is 5 mcg/kg/min voor een patiënt van 62 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 800 mg in 500 mL, loopt met 19 mL/h. De patiënt weegt 64 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. V = 2,8 mL
- 2. V = 2,3 mL
- 3. R = 4 mL/h
- 4. D = 12 stuks/h
- 5. R = 11,6 mL/h
- 6. D = 7,9 mcg/kg/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.