Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 8 kg krijgt azithromycin 10 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 24 uur. De orale suspensie bevat 200 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 24 kg krijgt amoxicillin 45 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 8 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 70 eenheden/kg voor bij een patiënt van 84 kg. De flacon bevat 1 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 70 eenheden/kg voor bij een patiënt van 91 kg. De flacon bevat 1 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 400 mg in 250 mL. Het voorschrift is 8 mcg/kg/min voor een patiënt van 52 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 57 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 15 mcg/min. De zak bevat 50 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. V = 2 mL
- 2. D = 360 mg
- 3. V = 5,9 mL
- 4. V = 6,4 mL
- 5. R = 15,6 mL/h
- 6. R = 4,5 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.