Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 14 kg krijgt azithromycin 10 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 24 uur. De orale suspensie bevat 100 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 33 lb. Het voorschrift is azithromycin 10 mg/kg/dag eenmaal per dag. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 25 000 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 15 eenheden/kg/h voor een patiënt van 85 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 100 eenheden kortwerkende insuline in 250 mL. Het voorschrift is 1,5 eenheden/h. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 72 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 30 mcg/min. De zak bevat 50 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 82 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 30 mcg/min. De zak bevat 25 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. V = 7 mL
- 2. D = 150 mg
- 3. R = 12,8 mL/h
- 4. R = 3,8 mL/h
- 5. R = 9 mL/h
- 6. R = 18 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.