Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 88 lb. Het voorschrift is azithromycin 10 mg/kg/dag eenmaal per dag. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 13 kg krijgt clindamycin 24 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 8 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 25 000 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 20 eenheden/kg/h voor een patiënt van 52 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 50 eenheden kortwerkende insuline in 250 mL. Het voorschrift is 0,05 eenheden/kg/h voor een patiënt van 50 kg. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 400 mg in 250 mL, loopt met 36 mL/h. De patiënt weegt 78 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 400 mg in 250 mL. Het voorschrift is 8 mcg/kg/min voor een patiënt van 54 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 400 mg
- 2. D = 104 mg
- 3. R = 10,4 mL/h
- 4. R = 12,5 mL/h
- 5. D = 12,3 mcg/kg/min
- 6. R = 16,2 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.