Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 66 lb. Het voorschrift is amoxicillin 40 mg/kg/dag verdeeld over 3 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 27 kg krijgt cephalexin 50 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 8 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 70 eenheden/kg voor bij een patiënt van 103 kg. De flacon bevat 1 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 100 eenheden kortwerkende insuline in 100 mL. Het voorschrift is 0,05 eenheden/kg/h voor een patiënt van 90 kg. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 85 kg heeft een voorschrift voor norepinephrine met 10 mcg/min. De zak bevat 4 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 67 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 30 mcg/min. De zak bevat 25 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 400 mg
- 2. D = 450 mg
- 3. V = 7,2 mL
- 4. R = 4,5 mL/h
- 5. R = 37,5 mL/h
- 6. R = 18 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.