Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 21 kg krijgt cephalexin 40 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 12 uur. De orale suspensie bevat 250 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 55 lb. Het voorschrift is azithromycin 10 mg/kg/dag eenmaal per dag. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 12 500 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 15 eenheden/kg/h voor een patiënt van 94 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 60 eenheden/kg voor bij een patiënt van 90 kg. De flacon bevat 5 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 56 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 15 mcg/min. De zak bevat 50 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 400 mg in 250 mL. Het voorschrift is 2 mcg/kg/min voor een patiënt van 85 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. V = 8,4 mL
- 2. D = 250 mg
- 3. R = 28,2 mL/h
- 4. V = 1,1 mL
- 5. R = 4,5 mL/h
- 6. R = 6,4 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.