Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 66 lb. Het voorschrift is clindamycin 24 mg/kg/dag verdeeld over 4 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 21 kg krijgt cephalexin 40 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 8 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus van 100 eenheden kortwerkende insuline in 100 mL loopt met 6 mL/h. Hoeveel eenheden per uur D krijgt de patiënt?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 12 500 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 18 eenheden/kg/h voor een patiënt van 109 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 800 mg in 500 mL, loopt met 14 mL/h. De patiënt weegt 74 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 95 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 5 mcg/min. De zak bevat 25 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 180 mg
- 2. D = 280 mg
- 3. D = 6 stuks/h
- 4. R = 39,2 mL/h
- 5. D = 5 mcg/kg/min
- 6. R = 3 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.