Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 33 lb. Het voorschrift is clindamycin 24 mg/kg/dag verdeeld over 3 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 6 kg krijgt cefuroxime 20 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 12 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 70 eenheden/kg voor bij een patiënt van 88 kg. De flacon bevat 1 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 25 000 eenheden heparine in 500 mL. Het voorschrift is 16 eenheden/kg/h voor een patiënt van 51 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 83 kg heeft een voorschrift voor nitroglycerin met 10 mcg/min. De zak bevat 50 mg in 250 mL. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 800 mg in 500 mL, loopt met 25 mL/h. De patiënt weegt 60 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 120 mg
- 2. D = 60 mg
- 3. V = 6,2 mL
- 4. R = 16,3 mL/h
- 5. R = 3 mL/h
- 6. D = 11,1 mcg/kg/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.