Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 30 kg krijgt cephalexin 25 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 8 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 14 kg krijgt clindamycin 30 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld over elke 6 uur. De orale suspensie bevat 75 mg in 5 mL. Welk volume V geef je per gift? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 250 eenheden kortwerkende insuline in 250 mL. Het voorschrift is 3 eenheden/h. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 25 000 eenheden heparine in 500 mL. Het voorschrift is 15 eenheden/kg/h voor een patiënt van 105 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dobutamine, 250 mg in 250 mL, loopt met 16 mL/h. De patiënt weegt 109 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 400 mg in 250 mL. Het voorschrift is 5 mcg/kg/min voor een patiënt van 72 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 250 mg
- 2. V = 7 mL
- 3. R = 3 mL/h
- 4. R = 31,5 mL/h
- 5. D = 2,4 mcg/kg/min
- 6. R = 13,5 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.