Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind weegt 33 lb. Het voorschrift is cephalexin 50 mg/kg/dag verdeeld over 3 gelijke giften. Bereken met 1 kg = 2,2 lb de dosis D in mg die per keer wordt gegeven.
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 17 kg krijgt azithromycin 10 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 24 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenprotocol schrijft een heparinebolus van 80 eenheden/kg voor bij een patiënt van 70 kg. De flacon bevat 5 000 eenheden/mL. Welk volume V trek je op? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat 12 500 eenheden heparine in 250 mL. Het voorschrift is 14 eenheden/kg/h voor een patiënt van 55 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 800 mg in 500 mL. Het voorschrift is 5 mcg/kg/min voor een patiënt van 60 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dobutamine 250 mg in 250 mL. Het voorschrift is 5 mcg/kg/min voor een patiënt van 69 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 250 mg
- 2. D = 170 mg
- 3. V = 1,1 mL
- 4. R = 15,4 mL/h
- 5. R = 11,3 mL/h
- 6. R = 20,7 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.