Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 15 kg krijgt cefuroxime 30 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 12 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Werkblad Dosering bij kinderen en op de IC met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 20 kg krijgt clindamycin 24 mg/kg/dag voorgeschreven, verdeeld en elke 6 uur gegeven. Hoeveel milligram D wordt er per gift gegeven?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 250 eenheden kortwerkende insuline in 250 mL. Het voorschrift is 0,1 eenheden/kg/h voor een patiënt van 53 kg. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus bevat 50 eenheden kortwerkende insuline in 50 mL. Het voorschrift is 3 eenheden/h. Bereken de pompsnelheid R in mL/h. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een infuus met dopamine, 800 mg in 500 mL, loopt met 15 mL/h. De patiënt weegt 69 kg. Welke dosis D in mcg/kg/min krijgt de patiënt? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een zak bevat dopamine 800 mg in 500 mL. Het voorschrift is 2 mcg/kg/min voor een patiënt van 85 kg. Op welke snelheid R zet je de pomp, in mL/h? Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. D = 225 mg
- 2. D = 120 mg
- 3. R = 5,3 mL/h
- 4. R = 3 mL/h
- 5. D = 5,8 mcg/kg/min
- 6. R = 6,4 mL/h
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.