Als de prijs van een product met 25 % stijgt, daalt de gevraagde hoeveelheid met 62,5 %. Bereken de prijselasticiteit van de vraag E.
Werkblad Prijselasticiteit van de vraag met antwoorden
Als de prijs van een product met 5 % stijgt, daalt de gevraagde hoeveelheid met 1 %. Bereken de prijselasticiteit van de vraag E.
Van een product worden 4 000 stuks per maand verkocht voor €12. De prijselasticiteit van de vraag is −0,5. Het bedrijf verandert de prijs met −10%. Met hoeveel ΔR verandert de maandomzet, als je aanneemt dat %ΔQ = E·%ΔP?
Als de prijs van een kaartje verandert van €40,00 naar €46,00, verandert de weekafzet van 500 naar 440. Gebruik de middelpuntmethode (boogelasticiteit) om de prijselasticiteit van de vraag E te berekenen.
De vraag naar een product heeft een constante prijselasticiteit van −1,5, dus Q = A·P^−1,5. Bij een prijs van €20 worden 8 000 stuks verkocht. Hoeveel stuks Q worden er verkocht bij een prijs van €26,00?
De vraag naar een product is Q = 320 − 8P, met P in euro. Bij welke prijs P is de totale omzet het grootst?
Antwoordenblad
- 1. E = −2,5
- 2. E = −0,2
- 3. ΔR = −2640 €
- 4. E = −0,9149
- 5. Q = 5397 stuks
- 6. P = 20 €
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.