Een eerste-orde reactie A → producten heeft een snelheidsconstante van 0,15 min⁻¹. De beginconcentratie van A is 2 mol/L. Vind de concentratie CA na 10 min.
Werkblad Reactiekinetiek met antwoorden
De reactie A + B → C volgt de snelheidsvergelijking r = k·CB, met k = 0,1 s⁻¹. Vind de reactiesnelheid r als CA = 0,4 mol/L en CB = 0,6 mol/L.
Een reactie met snelheidsvergelijking −rA = k·CA² heeft k = 0,05 L/(mol·min) en begint bij 2 mol/L. Vind de concentratie CA na 2 min.
Een eerste-orde reactie in een batchreactor heeft k = 0,01 min⁻¹. Hoe lang duurt het om 50% conversie te bereiken? Vind t.
Twee experimenten meten de beginsnelheid van A → producten. Met CA0 = 0,5 mol/L is de snelheid 0,008 mol/(L·s); met CA0 = 1,5 mol/L is die 0,024 mol/(L·s). Vind de reactieorde n ten opzichte van A.
Een eerste-orde reactie heeft een snelheidsconstante van 0,01 s⁻¹ bij 25 °C en een activeringsenergie van 70 kJ/mol. Vind de pre-exponentiële factor A in de vergelijking van Arrhenius.
Antwoordenblad
- 1. CA = 0,4463 mol/L
- 2. r = 0,06 mol/(L·s)
- 3. CA = 1,667 mol/L
- 4. t = 69,31 min
- 5. n = 1
- 6. A = 1,837 × 10¹⁰ s⁻¹
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.