Een vliegwiel met massa 130 kg heeft een traagheidsstraal van 0,4 m om zijn as. Het draait met 1300 rpm. Bepaal zijn kinetische energie Ek in kJ.
Werkblad Rotatie van een star lichaam met antwoorden
Een slinger bestaat uit een homogene slanke staaf (5 kg, 1,2 m lang) die aan zijn bovenuiteinde O draait, met een massieve bol met massa 4 kg en straal 0,25 m vast aan zijn onderuiteinde. Het middelpunt van de bol ligt 1,45 m onder O. Bepaal het massatraagheidsmoment IO van de slinger om O.
Een homogene slanke staaf met massa 11 kg en lengte 2,6 m is aan één uiteinde scharnierend bevestigd en wordt horizontaal vastgehouden. Hij wordt vanuit rust losgelaten. Gebruik g = 9,81 m/s². Bepaal zijn hoekversnelling α vlak na het loslaten.
Een as brengt 72,5 kW over bij 800 rpm. Bepaal het koppel T in de as.
Een persoon staat op een wrijvingsloze draaitafel en houdt in elke hand een halter van 2,5 kg, 0,65 m van de as. De persoon en de draaitafel hebben samen een traagheidsmoment van 2,5 kg·m² om de as. Ze draaien met 55 rpm en trekken dan de halters in tot 0,3 m van de as. Beschouw de halters als puntmassa’s. Bepaal het nieuwe toerental n2 in rpm.
Een homogene slanke staaf met massa 5,5 kg en lengte 0,5 m hangt in rust aan een wrijvingsloos draaipunt aan zijn bovenuiteinde. Een kogel van 5 g die horizontaal met 320 m/s beweegt, raakt de staaf 0,3 m onder het draaipunt en blijft erin zitten. Bepaal de hoeksnelheid ω van de staaf vlak na de botsing.
Antwoordenblad
- 1. Ek = 192,7 kJ
- 2. IO = 10,91 kg·m²
- 3. α = 5,66 rad/s²
- 4. T = 865,4 N·m
- 5. n2 = 86 rpm
- 6. ω = 1,046 rad/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.