Precies één gebied van het venndiagram is de verzameling (A ∪ B) ∩ (A′ ∩ B). Klik op zijn nummer.
- 1gebied 1
- 2gebied 2
- 3gebied 3
- 4gebied 4
Precies één gebied van het venndiagram is de verzameling (A ∪ B) ∩ (A′ ∩ B). Klik op zijn nummer.
Het venndiagram toont elk element van de universele verzameling U en van de verzamelingen A en B. Bepaal |B′ ∩ A|, het aantal elementen van B′ ∩ A.
In een groep van 72 studenten spreken er 29 Frans (F), 29 Duits (G) en 36 Spaans (S). 9 spreken Frans en Duits, 14 Frans en Spaans, 15 Duits en Spaans, en 5 spreken alle drie. Hoeveel zitten in geen van de drie verzamelingen?
Precies één gebied van het venndiagram is de verzameling (B′ ∩ A) − (C − B). Klik op zijn nummer.
Hoeveel functies f: A → B zijn er als |A| = 5 en |B| = 5? Noem het aantal N.
Het pijlendiagram toont een functie f: A → B met A = {1, 2} en B = {a, b, c, d}. Klik op de beschrijving die bij f past.
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.