Hoeveel deelverzamelingen met precies 4 elementen heeft A = {1, 2, 3, 4, 5, 6}? Noem het aantal N.
Werkblad Verzamelingen, relaties & functies met antwoorden
Het venndiagram toont elk element van de universele verzameling U en van de verzamelingen A en B. Bepaal |(B ∪ A) ∪ (A ∪ B)|, het aantal elementen van (B ∪ A) ∪ (A ∪ B).
De relatie R op {1, 2, 3} is getekend als gerichte graaf (een lus betekent (x, x) ∈ R). Precies één van de vier eigenschappen geldt. Klik erop.
- 1reflexief
- 2symmetrisch
- 3antisymmetrisch
- 4transitief
Uit een enquête onder 52 mensen blijkt dat 37 een laptop (L) hebben, 24 een tablet (T) en 27 een smartwatch (W). 15 hebben L en T, 16 hebben L en W, 10 hebben T en W, en 4 hebben alle drie. Hoeveel zitten in precies twee van de drie verzamelingen? Noem het aantal n.
Het pijlendiagram toont een functie f: A → B met A = {1, 2, 3, 4} en B = {a, b, c}. Klik op de beschrijving die bij f past.
- 1injectief, niet surjectief
- 2surjectief, niet injectief
- 3bijectief
- 4geen van beide
Hoeveel reflexieve relaties zijn er op een verzameling met 4 elementen? Noem het aantal N.
Antwoordenblad
- 1. N = 15
- 2. |(B ∪ A) ∪ (A ∪ B)| = 4
- 3. antisymmetrisch
- 4. n = 29
- 5. geen van beide
- 6. N = 4096
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.