Hoeveel deelverzamelingen met precies 5 elementen heeft A = {1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8}? Noem het aantal N.
Werkblad Verzamelingen, relaties & functies met antwoorden
Het venndiagram toont elk element van de universele verzameling U en van de verzamelingen A en B. Bepaal |B ∩ A|, het aantal elementen van B ∩ A.
Van 59 eerstejaarsstudenten slaagden er 34 voor Wiskunde (M), 25 voor Natuurkunde (P) en 30 voor Scheikunde (C). 14 slaagden voor M en P, 15 voor M en C, 6 voor P en C, en 1 voor alle drie. Hoeveel zitten in precies twee van de drie verzamelingen? Noem het aantal n.
De relatie R op {1, 2, 3, 4} is getekend als gerichte graaf (een lus betekent (x, x) ∈ R). Precies één van de vier eigenschappen geldt. Klik erop.
- 1reflexief
- 2symmetrisch
- 3antisymmetrisch
- 4transitief
Hoeveel functies f: A → B zijn er als |A| = 4 en |B| = 3? Noem het aantal N.
Het pijlendiagram toont een functie f: A → B met A = {1, 2, 3} en B = {a, b}. Klik op de beschrijving die bij f past.
- 1injectief, niet surjectief
- 2surjectief, niet injectief
- 3bijectief
- 4geen van beide
Antwoordenblad
- 1. N = 56
- 2. |B ∩ A| = 2
- 3. n = 32
- 4. transitief
- 5. N = 81
- 6. surjectief, niet injectief
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.