Het karakteristieke polynoom van een teruggekoppeld systeem is Q(s) = s⁴ + 4s³ + s² − 7s + 16. Maak de Routh-tabel en bepaal hoeveel wortels N van Q(s) in het rechterhalfvlak liggen.
Werkblad Stabiliteit: Routh–Hurwitz en wortelbaan met antwoorden
Een proportionele regelaar met versterking K = 3 regelt het proces G(s) = 10/(s + 1) in een lus met eenheidsterugkoppeling. Bepaal de gesloten-luspool p.
De lus in het schema heeft de open-lusoverdrachtsfunctie L(s) = K/(s(s + 5)(s + 6)). De versterking wordt verhoogd tot de gesloten lus op de rand van stabiliteit zit. Bepaal de frequentie ω van de aanhoudende oscillatie.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft L(s) = K(s + 9)/(s(s + 1)(s + 3)), met K > 0. Bepaal de grootste versterking Kmax waarvoor de gesloten lus stabiel is.
Bepaal voor de lus L(s) = K/(s(s + 5)(s + 8)) de versterking K die een gesloten-luspool op s = −2 plaatst.
De wortelbaan van L(s) = K/((s + 3)(s + 11)) is weergegeven. Bepaal de versterking K in het vertrekpunt sb, waar de twee gesloten-luspolen op de reële as samenkomen.
Antwoordenblad
- 1. N = 2
- 2. p = −31
- 3. ω = 5,477 rad/s
- 4. Kmax = 2,4
- 5. K = 36
- 6. K = 16
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.