Werkblad Superpositie met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Superpositie: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
R1​ = 3 ΩR2​ = 8 Ω+−V1​8 VR3​5 ΩIR3​A+−V2​24 V

Gebruik superpositie om de bijdrage IR3″ van alleen V2 aan de stroom IR3 door R3 in de richting van de pijl te vinden.

V1 = 8 VV2 = 24 VR1 = 3 ΩR2 = 8 ΩR3 = 5 Ω
IR3″ = A
2.Makkelijk
lineaire schakelingV1​ = 10 VV2​ = 9 VIRL​

Een lineaire weerstandsschakeling bevat twee onafhankelijke spanningsbronnen, V1 = 10 V en V2 = 9 V. Met beide bronnen aan is de stroom door de belastingsweerstand I = 17,5 mA. Met V2 uitgeschakeld (vervangen door een kortsluiting) en V1 ongewijzigd is de belastingsstroom 7 mA. Vind de belastingsstroom I als V1 wordt verhoogd tot 20 V en V2 op 9 V blijft.

I = 17,5 mA (beide bronnen)I = 7 mA (alleen V1)
I = mA
3.Gemiddeld
R1​ = 6 ΩR3​ = 20 Ω+−V1​30 VR2​10 Ω+−VR2​AR4​10 ΩBIs​4 A

Gebruik superpositie om de spanning VR2 over R2 met de aangegeven polariteit te vinden.

V1 = 30 VIs = 4 AR1 = 6 ΩR2 = 10 ΩR3 = 20 ΩR4 = 10 Ω
VR2 = V
4.Gemiddeld
R1​ = 2 ΩR3​ = 10 Ω+−V1​12 VR2​10 ΩAR4​6 Ω+−VR4​BIs​2,5 A

Gebruik superpositie om de spanning VR4 over R4 met de aangegeven polariteit te vinden.

V1 = 12 VIs = 2,5 AR1 = 2 ΩR2 = 10 ΩR3 = 10 ΩR4 = 6 Ω
VR4 = V
5.Moeilijk
R1​ = 6 ΩR2​ = 4 ΩR4​ = 3 Ω+−V1​15 VR3​2 Ω+−VR3​AIs​4 AB+−V2​18 V

Gebruik superpositie om de spanning VR3 over R3 met de aangegeven polariteit te vinden.

V1 = 15 VIs = 4 AV2 = 18 VR1 = 6 ΩR2 = 4 ΩR3 = 2 ΩR4 = 3 Ω
VR3 = V
6.Moeilijk
R1​ = 8 ΩR2​ = 5 ΩIR2​R4​ = 20 Ω+−V1​36 VR3​30 ΩAIs​0,5 AB−+V2​18 V

Gebruik superpositie om de stroom IR2 door R2 in de richting van de pijl te vinden.

V1 = 36 VIs = 0,5 AV2 = 18 VR1 = 8 ΩR2 = 5 ΩR3 = 30 ΩR4 = 20 Ω
IR2 = A

Antwoordenblad

  1. 1. IR3″ = 0,9114 A
  2. 2. I = 24,5 mA
  3. 3. VR2 = 21,11 V
  4. 4. VR4 = −6,509 V
  5. 5. VR3 = 4,147 V
  6. 6. IR2 = 1,163 A

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.