De brug van Wheatstone in het schema is in evenwicht: de galvanometer wijst nul aan. R₁ = 120 Ω, R₂ = 500 Ω en R₃ = 60 Ω. Bepaal de onbekende weerstand R4.
Werkblad Brug van Wheatstone en rekstrookjes met antwoorden
De brug van Wheatstone in het schema wordt in evenwicht gebracht door R₃ af te regelen. R₁ = 800 Ω, R₂ = 500 Ω en R₄ = 400 Ω. Bepaal de instelling R3.
Een brug met vier armen van 200 Ω wordt gevoed met 5 V. Als de sensor R₂ verandert, geeft de uitgang Vab = 96,15 mV. Bepaal de exacte verandering ΔR van R₂.
Een brug met vier armen van 200 Ω wordt gevoed met 9 V. Als de sensor R₂ verandert, geeft de uitgang Vab = 88,24 mV. Bepaal de exacte verandering ΔR van R₂.
Een weegcel (een volle brug van rekstrookjes) heeft een nominale uitgang van 2,5 mV/V bij zijn nominale belasting van 200 kg. Hij wordt bekrachtigd met 12 V. Bepaal zijn uitgang Vo bij een belasting van 40 kg.
Een rekstrookje van 350 Ω met k-factor 2 is op een stalen staaf gelijmd. Onder belasting neemt zijn weerstand toe met 0,56 Ω. Bepaal de rek ε in microrek (µε).
Antwoordenblad
- 1. R4 = 250 Ω
- 2. R3 = 640 Ω
- 3. ΔR = 16 Ω
- 4. ΔR = 8 Ω
- 5. Vo = 6 mV
- 6. ε = 800 µε
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.