Werkblad Brug van Wheatstone en rekstrookjes met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Brug van Wheatstone en rekstrookjes: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
+−12 VR1​ = 20 ΩR2​ = 120 ΩR3​ = 800 ΩR4​ = 20 Ωab+−Vab​ = ?

Bepaal de onbelaste uitgangsspanning Vab = Va − Vb van de getoonde brug, met Vs = 12 V.

Vs = 12 VR1 = 20 ΩR2 = 120 ΩR3 = 800 ΩR4 = 20 Ω
Vab = V
2.Makkelijk
+−2 VR1​ = 500 ΩR2​ = 500 ΩR3​ = ?R4​ = 20 ΩabG0

De brug van Wheatstone in het schema wordt in evenwicht gebracht door R₃ af te regelen. R₁ = 500 Ω, R₂ = 500 Ω en R₄ = 20 Ω. Bepaal de instelling R3.

R1 = 500 ΩR2 = 500 ΩR4 = 20 Ω
R3 = Ω
3.Gemiddeld
+−15 V350 Ω350 Ω + ΔR350 Ω350 Ωab+−Vab​ = ?

Een brug heeft vier armen van 350 Ω en Vs = 15 V. De sensor R₂ neemt toe met ΔR = 0,7 Ω. Bepaal met de benadering voor kleine veranderingen de uitgang Vab in mV.

Vs = 15 VR = 350 ΩΔR = 0,7 Ω
Vab = mV
4.Gemiddeld
+−2 V400 Ω400 Ω + ΔR400 Ω400 Ωab+−47,62 mV

Een brug met vier armen van 400 Ω wordt gevoed met 2 V. Als de sensor R₂ verandert, geeft de uitgang Vab = 47,62 mV. Bepaal de exacte verandering ΔR van R₂.

Vs = 2 VR = 400 ΩVab = 47,62 mV
ΔR = Ω
5.Moeilijk
+−3 V350 Ω350 Ω + ΔR350 Ω350 Ωab+−Vo​

Een kwartbrug (één actief rekstrookje, GF = 2) wordt bekrachtigd met 3 V. De grootste te meten rek is 600 µε, en die moet 3,3 V geven aan de ingang van een analoog-digitaalomzetter. Bepaal de versterking G van de versterker.

Vs = 3 VGF = 2εmax = 600 µεVFS = 3,3 V
G =
6.Moeilijk
+−2,5 V350 Ω350 Ω + ΔR350 Ω350 Ωab+−1,922 mV

Een rekstrookje (GF = 2,05) op een constructiedeel met E = 210 GPa vormt een kwartbrug die wordt bekrachtigd met 2,5 V. De uitgang geeft 1,922 mV. Bepaal de axiale spanning σ in MPa.

Vs = 2,5 VGF = 2,05Vo = 1,922 mVE = 210 GPa
σ = MPa

Antwoordenblad

  1. 1. Vab = 9,993 V
  2. 2. R3 = 20 Ω
  3. 3. Vab = 7,5 mV
  4. 4. ΔR = 40 Ω
  5. 5. G = 3667
  6. 6. σ = 315 MPa

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.