Werkblad Brug van Wheatstone en rekstrookjes met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Brug van Wheatstone en rekstrookjes: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
+−5 VR1​ = 300 ΩR2​ = 100 ΩR3​ = 200 ΩR4​ = 800 Ωab+−

In de getoonde brug is Vs = 5 V, R₁ = 300 Ω en R₂ = 100 Ω. Bepaal de spanning Va van knooppunt a ten opzichte van de negatieve voedingsrail.

Vs = 5 VR1 = 300 ΩR2 = 100 ΩR3 = 200 ΩR4 = 800 Ω
Va = V
2.Makkelijk
+−12 VR1​ = 20 ΩR2​ = 120 ΩR3​ = 100 ΩR4​ = 300 Ωab+−

In de getoonde brug is Vs = 12 V, R₁ = 20 Ω en R₂ = 120 Ω. Bepaal de spanning Va van knooppunt a ten opzichte van de negatieve voedingsrail.

Vs = 12 VR1 = 20 ΩR2 = 120 ΩR3 = 100 ΩR4 = 300 Ω
Va = V
3.Gemiddeld
+−12 V200 Ω200 Ω + ΔR200 Ω200 Ωab+−29,85 mV

Een brug met vier armen van 200 Ω wordt gevoed met 12 V. Als de sensor R₂ verandert, geeft de uitgang Vab = 29,85 mV. Bepaal de exacte verandering ΔR van R₂.

Vs = 12 VR = 200 ΩVab = 29,85 mV
ΔR = Ω
4.Gemiddeld
+−3 VR1​ = 120 ΩR2​ = 80 ΩR3​ = 500 ΩR4​ = 40 ΩabGRg​ = 100 Ω

Een galvanometer met een weerstand van 100 Ω is aangesloten tussen a en b van de getoonde brug (Vs = 3 V). Bepaal de galvanometerstroom Ig van a naar b, in µA.

Vs = 3 VR1 = 120 ΩR2 = 80 ΩR3 = 500 ΩR4 = 40 ΩRg = 100 Ω
Ig = µA
5.Moeilijk
+−3 V350 Ω350 Ω + ΔR350 Ω350 Ωab+−1,537 mV

Een kwartbrug met één actief rekstrookje (GF = 2,05) wordt bekrachtigd met 3 V. Onder belasting geeft de uitgang 1,537 mV. Bepaal de rek ε in µε.

Vs = 3 VGF = 2,05Vo = 1,537 mV
ε = µε
6.Moeilijk
+−2,5 V1000 Ω1000 Ω + ΔR1000 Ω1000 Ωab+−0,5 mV

Een kwartbrug met één actief rekstrookje (GF = 2) wordt bekrachtigd met 2,5 V. Onder belasting geeft de uitgang 0,5 mV. Bepaal de rek ε in µε.

Vs = 2,5 VGF = 2Vo = 0,5 mV
ε = µε

Antwoordenblad

  1. 1. Va = 1,25 V
  2. 2. Va = 10,29 V
  3. 3. ΔR = 2 Ω
  4. 4. Ig = 5284 µA
  5. 5. ε = 999,7 µε
  6. 6. ε = 400 µε

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.