1.LimietenGemiddeld
Bereken de limiet L = limx→∞ (3x3 + 5x − 7)/(5x3 + 5x + 6).
f(x) = (3x3 + 5x − 7)/(5x3 + 5x + 6)x → ∞
L =
2.LimietenMoeilijk
Bereken de limiet L = limx→0 (e−2x − 1 + 2x)/x².
f(x) = (e−2x − 1 + 2x)/x²x → 0
L =
3.AfgeleidenGemiddeld
Gegeven f(x) = x·sin(2x), met x in radialen. Bereken f′(2).
f(x) = x·sin(2x)x = 2 rad
f′(2) =
4.AfgeleidenMoeilijk
De raaklijn aan f(x) = −x2 + 3x in x = 1 snijdt de y-as in y = b. Bereken b.
f(x) = −x2 + 3xx = 1
b =
5.OptimalisatieGemiddeld
Een open doos (zonder deksel) met een vierkant grondvlak moet 500 cm³ bevatten. Gebruik zo weinig mogelijk materiaal, dus de kleinste oppervlakte van bodem plus vier zijkanten. Bereken de minimale oppervlakte S.
V = 500 cm³
S = cm²
6.OptimalisatieMoeilijk
Een bedrijf verkoopt q eenheden per week. De prijs waartegen het die kan verkopen is p = 110 − 0,2q euro per eenheid, en de kosten zijn C(q) = 3100 + 40q euro. Bereken de maximale weekwinst P.
p = 110 − 0,2qC = 3100 + 40q
P = €
7.IntegralenGemiddeld
Het gebied onder y = 0,5x van x = 0 tot x = 3 wordt om de x-as gewenteld. Bepaal het volume V van het lichaam (een kegel).
y = 0,5x0 ≤ x ≤ 3
V =
8.IntegralenMoeilijk
Het gebied tussen de lijn y = 2x en de parabool y = 2x² wordt om de x-as gewenteld. Bepaal het volume V van het lichaam.
y = 2xy = 2x²
V =