In het blokschema heeft het voorwaartse pad de versterkingen G₁ = 7 en G₂ = 3 in serie, en het negatieve terugkoppelpad heeft versterking H = 0,1. Bepaal de totale versterking T = C/R.
Werkblad Blokschema’s met antwoorden
Een proces G(s) = 11/(s + 1) staat in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Op R wordt een stap van grootte 5 aangelegd. Bepaal de stationaire uitgang css.
Een proces G(s) = 23/(s + 8) wordt geregeld in een lus met negatieve terugkoppeling waarvan de sensor de versterking H = 0,2 heeft. Bepaal de tijdconstante τ van de gesloten lus.
Een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling heeft G(s) = 6/(s(s + 7)). De referentie is een helling r(t) = 10·t. Bepaal de stationaire fout ess.
Een proportionele regelaar K = 22 stuurt het proces G(s) = 6/(s + 5) aan in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Een verstoring D komt binnen aan de ingang van het proces (ze wordt opgeteld bij de uitgang van de regelaar). Een referentiestap van grootte 1 en een verstoringsstap van grootte 1 worden tegelijk aangelegd. Bepaal de stationaire uitgang css.
Het proces G(s) = 58/(s(s + 2)) staat in een lus met negatieve terugkoppeling met sensorversterking H = 0,5. De gesloten-luspolen zijn complex. Bepaal hun reële deel σ.
Antwoordenblad
- 1. T = 6,774
- 2. css = 4,583
- 3. τ = 0,07937 s
- 4. ess = 11,67
- 5. css = 1,007
- 6. σ = −1
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.