Het signaal R splitst zich in twee parallelle blokken G₂ = 13 en G₃ = 8. Hun uitgangen komen samen in een sommatiepunt met de getoonde tekens (+ and −), en de som gaat door G₁ = 10. Bepaal de totale versterking T = C/R.
Werkblad Blokschema’s met antwoorden
Een versterker met versterking G = 18 heeft positieve terugkoppeling via een pad met versterking H = 0,02 (het terugkoppelsignaal wordt in het sommatiepunt opgeteld). Bepaal de gesloten-lusversterking T = C/R.
Een proces G(s) = 21/(s + 6) wordt geregeld in een lus met negatieve terugkoppeling waarvan de sensor de versterking H = 0,25 heeft. Bepaal de tijdconstante τ van de gesloten lus.
Het proces G(s) = K/(s(s + 19)) staat in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Bepaal de versterking K waarvoor de gesloten lus kritisch gedempt is (twee gelijke reële polen).
Een proportionele regelaar K = 24 stuurt het proces G(s) = 1/(s + 10) aan in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Een verstoring D komt binnen aan de ingang van het proces (ze wordt opgeteld bij de uitgang van de regelaar). Een referentiestap van grootte 5 en een verstoringsstap van grootte 10 worden tegelijk aangelegd. Bepaal de stationaire uitgang css.
Het proces G(s) = 70/(s(s + 11)) staat in een lus met negatieve terugkoppeling met sensorversterking H = 2. De gesloten-luspolen zijn complex. Bepaal hun reële deel σ.
Antwoordenblad
- 1. T = 50
- 2. T = 28,13
- 3. τ = 0,08889 s
- 4. K = 90,25
- 5. css = 3,824
- 6. σ = −5,5
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.