Een versterker met versterking G = 9 heeft positieve terugkoppeling via een pad met versterking H = 0,02 (het terugkoppelsignaal wordt in het sommatiepunt opgeteld). Bepaal de gesloten-lusversterking T = C/R.
Werkblad Blokschema’s met antwoorden
Het signaal R splitst zich in twee parallelle blokken G₂ = 11 en G₃ = 2. Hun uitgangen komen samen in een sommatiepunt met de getoonde tekens (+ and −), en de som gaat door G₁ = 3. Bepaal de totale versterking T = C/R.
Het proces G(s) = K/((s + 10)(s + 12)) staat in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Bepaal de versterking K waarvoor de gesloten lus kritisch gedempt is (twee gelijke reële polen).
Een proces G(s) = 37/(s + 8) wordt geregeld in een lus met negatieve terugkoppeling waarvan de sensor de versterking H = 0,5 heeft. Bepaal de tijdconstante τ van de gesloten lus.
Het proces G(s) = K/(s(s + 5)(s + 8)) staat in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Gebruik het criterium van Routh–Hurwitz om de grootste versterking Kmax te vinden waarvoor de gesloten lus stabiel is.
Reduceer het blokschema met G₁ = 17/(s + 1), G₂ = 9/(s + 3), een binnenste negatieve terugkoppeling H₁ = 0,5 om G₂ en een buitenste negatieve terugkoppeling H₂ = 0,2. Bepaal de gelijkstroomversterking T(0) van C(s)/R(s).
Antwoordenblad
- 1. T = 10,98
- 2. T = 27
- 3. K = 1
- 4. τ = 0,03774 s
- 5. Kmax = 520
- 6. T(0) = 4,016
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.