Een versterker met versterking G = 8 heeft positieve terugkoppeling via een pad met versterking H = 0,05 (het terugkoppelsignaal wordt in het sommatiepunt opgeteld). Bepaal de gesloten-lusversterking T = C/R.
Werkblad Blokschema’s met antwoorden
In het blokschema heeft het voorwaartse pad de versterkingen G₁ = 3 en G₂ = 5 in serie, en het negatieve terugkoppelpad heeft versterking H = 0,5. Bepaal de totale versterking T = C/R.
Een proces G(s) = 38/(s + 7) wordt geregeld in een lus met negatieve terugkoppeling waarvan de sensor de versterking H = 0,2 heeft. Bepaal de tijdconstante τ van de gesloten lus.
Het proces G(s) = K/((s + 2)(s + 5)) staat in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Bepaal de versterking K waarvoor de gesloten lus kritisch gedempt is (twee gelijke reële polen).
Een proportionele regelaar K = 23 stuurt het proces G(s) = 3/(s + 7) aan in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Een verstoring D komt binnen aan de ingang van het proces (ze wordt opgeteld bij de uitgang van de regelaar). Een referentiestap van grootte 1 en een verstoringsstap van grootte 10 worden tegelijk aangelegd. Bepaal de stationaire uitgang css.
Een proportionele regelaar K stuurt het proces G(s) = 4/(s + 7) aan in een lus met negatieve eenheidsterugkoppeling. Een verstoringsstap van grootte 2 komt binnen aan de ingang van het proces terwijl R = 0. Bepaal de kleinste versterking K waarbij de stationaire uitgang niet groter is dan 0,01143.
Antwoordenblad
- 1. T = 13,33
- 2. T = 1,765
- 3. τ = 0,06849 s
- 4. K = 2,25
- 5. css = 1,303
- 6. K = 173,3
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.