Bepaal de kantelfrequentie (−3 dB) fc van het getoonde RL-laagdoorlaatfilter, met R = 1000 Ω, L = 100 mH. Geef haar in Hz.
Werkblad Bodediagrammen en marges met antwoorden
Bepaal de kantelfrequentie (−3 dB) ωc van het getoonde RL-hoogdoorlaatfilter, met R = 47 Ω, L = 100 mH. Geef haar in rad/s.
Het getoonde RL-laagdoorlaatfilter heeft R = 10 Ω, L = 22 mH. Er wordt een sinusvormige ingang van 220 Hz aangelegd. Bepaal de versterking |H| = |vout/vin| in dB.
Het getoonde RL-laagdoorlaatfilter heeft R = 100 Ω, L = 2,2 mH. Er wordt een sinusvormige ingang van 1,4 kHz aangelegd. Bepaal de faseverschuiving φ van vout ten opzichte van vin, in graden.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft de open-lus-overdrachtsfunctie L(s) = 98/(s(s + 3)(s + 10)). Bepaal de faseomslagfrequentie ω180, waar ∠L(jω) = −180°.
Een lus met eenheidsterugkoppeling heeft de open-lus-overdrachtsfunctie L(s) = 40/(s(s + 3)(s + 6)). Bepaal de versterkingsmarge GM in dB.
Antwoordenblad
- 1. fc = 1592 Hz
- 2. ωc = 470 rad/s
- 3. |H| = −10,11 dB
- 4. φ = −10,95 °
- 5. ω180 = 5,477 rad/s
- 6. GM = 12,15 dB
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.