Een bedrijf verkoopt een product voor €18 per stuk. De variabele kosten zijn €8 per stuk en de vaste kosten €5 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €38 per stuk. De variabele kosten zijn €18 per stuk en de vaste kosten €50 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €12 per stuk met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €16 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €5 000?
Een product kan op twee manieren worden gemaakt. Methode A heeft vaste kosten van €30 000 per jaar en variabele kosten van €20 per stuk. Methode B, meer geautomatiseerd, heeft vaste kosten van €40 000 per jaar en variabele kosten van €16 per stuk. Bij welk jaarvolume Q kosten beide methoden evenveel?
Een product wordt verkocht voor €23 per stuk, met variabele kosten van €18 per stuk en vaste kosten van €2 500 per jaar. De begrote afzet is 600 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een bedrijf verkoopt twee producten. Product A wordt verkocht voor €11 met variabele kosten van €8; product B voor €18 met variabele kosten van €10. Ze worden verkocht in een vaste verhouding van 3 stuks A op elke 2 B. De vaste kosten zijn €7 500 per maand. Bereken het totale aantal stuks Q (A en B samen) dat nodig is om quitte te spelen.
Antwoordenblad
- 1. Q = 500 stuks
- 2. Q = 2500 stuks
- 3. Q = 2625 stuks
- 4. Q = 2500 stuks
- 5. MS = 16,67 %
- 6. Q = 1500 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.