Een bedrijf verkoopt een product voor €7 per stuk. De variabele kosten zijn €4 per stuk en de vaste kosten €12 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een cateraar verwacht 1 000 maaltijden per maand te verkopen. Elke maaltijd heeft variabele kosten van €25 en de vaste kosten zijn €2 500 per maand. Wat is de laagste prijs p per maaltijd waarbij de cateraar quitte speelt?
Een bedrijf verkoopt 1 200 stuks voor €16 per stuk. De variabele kosten zijn €8 per stuk en de vaste kosten €8 000. Bereken de operationele hefboom DOL bij dit verkoopniveau.
Een product wordt verkocht voor €28 per stuk met variabele kosten van €18 per stuk. De vaste kosten zijn €50 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €10 000?
Een bedrijf verkoopt 630 stuks voor €28 per stuk, met variabele kosten van €25 per stuk en vaste kosten van €1 500. Met welk percentage %ΔΠ verandert het bedrijfsresultaat als het afzetvolume met 12 % stijgt?
Een bedrijf verkoopt 6 000 stuks per maand voor €16 per stuk, met variabele kosten van €4 per stuk en vaste kosten van €48 000 per maand. De variabele kosten stijgen met €2 per stuk en de prijs blijft gelijk. Hoeveel stuks Q moeten er nu per maand worden verkocht om dezelfde winst te houden?
Antwoordenblad
- 1. Q = 4000 stuks
- 2. p = 27,5 €
- 3. DOL = 6
- 4. Q = 6000 stuks
- 5. %ΔΠ = 58,15 %
- 6. Q = 7200 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.