Een bedrijf verkoopt een product voor €7 per stuk. De variabele kosten zijn €4 per stuk en de vaste kosten €7 500 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €42 per stuk. De variabele kosten zijn €30 per stuk en de vaste kosten €18 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een bedrijf verkoopt 2 250 stuks voor €27 per stuk. De variabele kosten zijn €15 per stuk en de vaste kosten €18 000. Bereken de operationele hefboom DOL bij dit verkoopniveau.
Een product wordt verkocht voor €40 per stuk met variabele kosten van €20 per stuk. De vaste kosten zijn €100 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €10 000?
Een bedrijf verkoopt twee producten. Product A wordt verkocht voor €16 met variabele kosten van €10; product B voor €25 met variabele kosten van €15. Ze worden verkocht in een vaste verhouding van 2 stuks A op elke 1 B. De vaste kosten zijn €8 800 per maand. Bereken het totale aantal stuks Q (A en B samen) dat nodig is om quitte te spelen.
Een bedrijf verkoopt twee producten. Product A wordt verkocht voor €15 met variabele kosten van €12; product B voor €35 met variabele kosten van €15. Ze worden verkocht in een vaste verhouding van 5 stuks A op elke 2 B. De vaste kosten zijn €44 000 per maand. Bereken het totale aantal stuks Q (A en B samen) dat nodig is om quitte te spelen.
Antwoordenblad
- 1. Q = 2500 stuks
- 2. Q = 1500 stuks
- 3. DOL = 3
- 4. Q = 5500 stuks
- 5. Q = 1200 stuks
- 6. Q = 5600 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.