Een product wordt verkocht voor €33 per stuk. De variabele kosten zijn €18 per stuk en de vaste kosten €30 000 per maand. Bereken de maandwinst Π als er 1 200 stuks worden verkocht (een verlies is negatief).
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €28 per stuk. De variabele kosten zijn €25 per stuk en de vaste kosten €6 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €6 met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €4 000 per maand en over de winst wordt 25 % belasting geheven. Hoeveel stuks Q moeten er per maand worden verkocht om €1 500 na belasting te verdienen?
Een bedrijf verkoopt 2 250 stuks voor €8 per stuk. De variabele kosten zijn €4 per stuk en de vaste kosten €6 000. Bereken de operationele hefboom DOL bij dit verkoopniveau.
Een product wordt verkocht voor €11 per stuk, met variabele kosten van €8 per stuk en vaste kosten van €12 000 per jaar. De begrote afzet is 6 000 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een product wordt verkocht voor €35 per stuk, met variabele kosten van €15 per stuk en vaste kosten van €100 000 per jaar. De begrote afzet is 9 000 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Antwoordenblad
- 1. Π = −12000 €
- 2. Q = 2000 stuks
- 3. Q = 3000 stuks
- 4. DOL = 3
- 5. MS = 33,33 %
- 6. MS = 44,44 %
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.