Een plaat van 150 mm × 240 mm heeft een rond gat met een diameter van 30 mm op de verticale hartlijn, met zijn middelpunt 168 mm boven de onderrand. Bepaal de hoogte ȳ van het zwaartepunt boven de onderrand.
Werkblad Zwaartepunt en traagheidsmoment met antwoorden
Een plaat van 200 mm × 150 mm heeft een rond gat met een diameter van 40 mm op de verticale hartlijn, met zijn middelpunt 97,5 mm boven de onderrand. Bepaal de hoogte ȳ van het zwaartepunt boven de onderrand.
Vind het traagheidsmoment Ix van het T-profiel om de horizontale as x door het zwaartepunt.
Een symmetrisch I-profiel heeft flenzen van 170 mm breed en 22 mm dik, een totale hoogte van 300 mm en een lijf van 8 mm dik. Vind het traagheidsmoment Ix om de horizontale zwaartepuntsas x.
Een plaat van 150 mm × 240 mm heeft een rechthoekige uitsparing van 40 mm breed en 40 mm hoog, gecentreerd op de verticale hartlijn met zijn middelpunt 156 mm boven de onderkant. Bepaal het kwadratisch oppervlaktemoment Ix om de horizontale as door het zwaartepunt.
Een plaat van 200 mm × 240 mm heeft een rechthoekige uitsparing van 50 mm breed en 30 mm hoog, gecentreerd op de verticale hartlijn met zijn middelpunt 72 mm boven de onderkant. Bepaal het kwadratisch oppervlaktemoment Ix om de horizontale as door het zwaartepunt.
Antwoordenblad
- 1. ȳ = 119 mm
- 2. ȳ = 74,02 mm
- 3. Ix = 47,8 × 10⁶ mm⁴
- 4. Ix = 156 × 10⁶ mm⁴
- 5. Ix = 170,4 × 10⁶ mm⁴
- 6. Ix = 226,7 × 10⁶ mm⁴
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.