Bepaal voor z₁ = 3 − j7 en z₂ = −5 + j6 het imaginaire deel van w = 4z₁ + 3z₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = 3 − j7z₂ = −5 + j6
Im(w) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = 8 + j5 en z₂ = 4 − j de modulus van het product, |z₁z₂|.
z₁ = 8 + j5z₂ = 4 − j
|z₁z₂| =
3.Gemiddeld
Het getal z = 1,5·ej2,8 heeft zijn hoek in radialen. Bepaal het imaginaire deel b.
r = 1,5θ = 2,8 rad
b =
4.Gemiddeld
Het diagram toont z = −1 + j3. Met w = 0,5∠−90°, klik op het punt dat z/w voorstelt.
z = −1 + j3w = 0,5∠−90°
- 1A (−2 + j6)
- 2B (−3 − j)
- 3C (6 + j2)
- 4D (−6 − j2)
5.Moeilijk
De vergelijking z² + 8z + 41 = 0 heeft twee complexe wortels. Bepaal hun modulus |z|.
p = 8q = 41
|z| =
6.Moeilijk
De wortels van zⁿ = w met n = 3 en w = 8∠−90° zijn zk = R1/n∠((φ + 360°·k)/n), k = 0, 1, 2. Bepaal het argument van z₂ in graden, tussen −180° en 180°.
w = 8∠−90°n = 3k = 2
θ₂ = °
Antwoordenblad
- 1. Im(w) = −10
- 2. |z₁z₂| = 38,9
- 3. b = 0,5025
- 4. D (−6 − j2)
- 5. |z| = 6,403
- 6. θ₂ = −150 °
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.