Bepaal voor z₁ = −2 + j5 en z₂ = −6 − j4 het imaginaire deel van w = 4z₁ − 2z̄₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −2 + j5z₂ = −6 − j4
Im(w) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = 8 − j3 en z₂ = −1 + j het reële deel van w = 3z₁ − 3z₂.
z₁ = 8 − j3z₂ = −1 + j
Re(w) =
3.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 2∠150° en z₂ = 0,5∠−25°, bepaal het imaginaire deel van w = z₁·z₂.
z₁ = 2∠150°z₂ = 0,5∠−25°
Im(w) =
4.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 1,5∠−60° en z₂ = 2∠−25°, bepaal het imaginaire deel van w = z₁/z₂.
z₁ = 1,5∠−60°z₂ = 2∠−25°
Im(w) =
5.Moeilijk
Bepaal het reële deel van (−1 − j3)⁴.
z = −1 − j3n = 4
Re(z⁴) =
6.Moeilijk
Los z² − 2z + 3,25 = 0 op. De wortels zijn a ± jb; bepaal het reële deel a.
p = −2q = 3,25
a =
Antwoordenblad
- 1. Im(w) = 12
- 2. Re(w) = 27
- 3. Im(w) = 0,8192
- 4. Im(w) = −0,4302
- 5. Re(z⁴) = 28
- 6. a = 1
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.