Bepaal voor z₁ = 5 + j6 en z₂ = −6 − j het imaginaire deel van het product z₁·z₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = 5 + j6z₂ = −6 − j
Im(z₁z₂) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = 4 − j5 en z₂ = 3 − j het reële deel van het product z₁·z₂.
z₁ = 4 − j5z₂ = 3 − j
Re(z₁z₂) =
3.Gemiddeld
Schrijf z = −9 + j9 in exponentiële vorm r·ejθ. Geef θ in radialen, tussen −π en π.
z = −9 + j9
θ = rad
4.Gemiddeld
Bepaal het argument θ van z = 1 + j2 in graden, als hoofdwaarde tussen −180° en 180°.
z = 1 + j2
θ = °
5.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z³ = 27∠60°. Klik erop.
w = 27∠60°n = 3
- 1A (1,5∠−100°)
- 2B (3∠100°)
- 3C (3∠−100°)
- 4D (3∠−40°)
6.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z³ = 8∠0°. Klik erop.
w = 8∠0°n = 3
- 1A (2∠−150°)
- 2B (2∠−120°)
- 3C (2∠60°)
- 4D (3,6∠−60°)
Antwoordenblad
- 1. Im(z₁z₂) = −41
- 2. Re(z₁z₂) = 7
- 3. θ = 2,356 rad
- 4. θ = 63,43 °
- 5. C (3∠−100°)
- 6. B (2∠−120°)
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.