Bepaal voor z₁ = −2 + j5 en z₂ = 2 + j6 het reële deel van w = 2z₁ + 3z̄₂.
Werkblad Complexe getallen met antwoorden
1.Makkelijk
z₁ = −2 + j5z₂ = 2 + j6
Re(w) =
2.Makkelijk
Bepaal voor z₁ = −5 + j5 en z₂ = −2 − j6 het imaginaire deel van het product z₁·z₂.
z₁ = −5 + j5z₂ = −2 − j6
Im(z₁z₂) =
3.Gemiddeld
Gegeven z₁ = 4∠−60° en z₂ = 0,5∠−25°, bepaal het reële deel van w = z₁·z₂.
z₁ = 4∠−60°z₂ = 0,5∠−25°
Re(w) =
4.Gemiddeld
Schrijf z = 8 − j9 in exponentiële vorm r·ejθ. Geef θ in radialen, tussen −π en π.
z = 8 − j9
θ = rad
5.Moeilijk
Precies één van de punten A–D is een wortel van z⁶ = 729∠90°. Klik erop.
w = 729∠90°n = 6
- 1A (3∠−75°)
- 2B (3∠75°)
- 3C (3∠105°)
- 4D (5,4∠75°)
6.Moeilijk
Eén wortel van z³ + 12z² + 57z + 100 = 0 is z₁ = −4 + j3. De coëfficiënten zijn reëel. Bepaal de reële wortel r.
z₁ = −4 + j3
r =
Antwoordenblad
- 1. Re(w) = 2
- 2. Im(z₁z₂) = 20
- 3. Re(w) = 0,1743
- 4. θ = −0,8442 rad
- 5. B (3∠75°)
- 6. r = −4
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.